Waarom multinationals smullen van een kabinet met D66 en de VVD

Liberalisme. Het is de term die D66 en VVD met elkaar verbindt. Weliswaar vullen beide partijen dat liberalisme anders in, maar in principe strijden ze beide voor de vrijheid en rechten van het individu. De verschillen tussen de partijen zijn op papier groter dan in de werkelijkheid. In de werkelijkheid zijn de verschillen dat de VVD minder overheidsbemoeienis wil en D66 dat juist wel wil. D66 vindt dat “je pas vrij echt bent als we dat samen zijn”.[1] Dat betekent in de praktijk dat de overheid dus ingrijpt om ongelijkheden in de maatschappij weg te nemen. Mijn verwachting is dat veel mensen bij bovenstaande beschrijving de VVD eerder als ‘goed’ voor multinationals zullen aanwijzen dan D66. De realiteit is echter dat de twee partijen elkaar perfect aanvullen.

In een kabinet van VVD en D66 zal er naar alle waarschijnlijk niet veel veranderen aan het vestigingsklimaat dat Nederland heeft voor multinationals. De VVD zegt in haar verkiezingsprogramma “trots” te zijn op de grote bedrijven en D66 zegt dat er al heel veel gebeurt bij grote bedrijven om uitwassen tegen te gaan. Verder zeggen beide meer te willen investeren in onderwijs en infrastructuur.[2][3]  Als het gaat over regelgeving hebben de multinationals het dus nog altijd even goed. Maar goed, deze informatie is niet zo spannend. In dit artikel wil ik dieper ingaan op het liberalisme an sich en de gevolgen die dit voor onze samenleving heeft en waarom dit zo goed is voor multinationals.

Liberalisme leidt tot menselijk verval

Om dit goed uit te kunnen leggen moet ik kort het contrast uitleggen tussen de Verlichting (en dus het liberalisme) en haar voorganger: de Europese traditie. Het moment dat het Westen de Europese traditie achter zich liet liggen, is namelijk het begin geweest van het menselijk verval. Dit verval heeft zich natuurlijk niet meteen voltrokken, maar dit is geleidelijk gegaan. Langzaamaan heeft het liberalisme in het Westen steeds meer voeten aan de grond gekregen. De oorzaak hiervoor laat ik even links liggen, het gaat mij meer om de implicaties van dit liberalisme.

Begeertes temperen door de rede

Het grote verschil wat ik hier wil aansnijden is de benadering van de begeerte. Door Thomas Hobbes ook wel de hartstochten genoemd.[4] Iemand kan bijvoorbeeld een stukje chocolade begeren, maar ook macht of seks. Het verschil tussen de Europese traditie en de Verlichting is de manier waarop men met de begeerte omgaat. In de Europese traditie was het normaal dat een mens leerde om de begeertes te temperen, te matigen. Dit kon door de rede boven de wil en de begeerte te plaatsen. Als een rangorde. De rede eerst, dan de wil en als laatst de begeerte. Het was dus de bedoeling dat iemand leerde om naar de rede te luisteren en via de wil de begeerte in bedwang kon houden.

Simpel voorbeeld: iemand kan de begeerte hebben om iedere dag een patatje te eten, maar de rede zegt dat dat wellicht onverstandig is en dus laat hij of zij het patatje liggen. De reden waarom iemand zijn of haar begeertes moest temperen, is dat er van een universele objectieve moraliteit uit werd gegaan. Wat goed is voor de ene mens is ook goed voor de ander. Het is volgens de Europese traditie dus niet zo dat iedereen voor zichzelf kan bepalen wat redelijk is, maar dat daar een bepaalde objectiviteit in zit.

Verlichting: begeertes als het goede

De Verlichting ging hier anders mee om. De begeerte werd juist gezien als iets goeds. De begeerte volgen is waar geluk vandaan komt en daarmee het goede om te doen. Je begeertes onder controle houden was niet per se slecht, maar betekende simpelweg dat het onder controle willen houden van de begeerte zelf een nog grotere begeerte is. Het zojuist genoemde voorbeeld zou dus uitgelegd kunnen worden als een begeerte voor gezondheid die boven de begeerte voor lekker eten gaan.

Los van het feit dat de begeerte het nieuwe goede was geworden, werd er in de Verlichting ook gesteld dat het goede dus niet meer objectief was. De begeerte is immers verschillend voor iedereen. De ene persoon begeert macht, terwijl de ander een gezinsleven wenst. Even voor de goede orde: dit betekent niet dat iemand kan begeren om iemand anders schade te berokkenen. Volgens Hobbes is het immers de staat die bestaat ter bescherming van de veiligheid en daarmee geeft de burger dat recht op. Het geweldsmonopolie ligt bij de staat.

Romantiek: jezelf worden door experimenteren

De Romantiek kwam hiertegen in verzet. De Romantiek vond dat de Verlichting mensen als varkens neerzette. Alleen maar de begeertes volgen, zou volgens aanhangers van de Romantiek niet het goede zijn. In het leven gaat het volgens de Romantiek juist om dat je jezelf wordt. Met de nadruk op wordt, want je wordt niet als jezelf geboren. Je moest door middel van experimenteren erachter zien te komen wie je was. Je eet een stukje chocolade en een biefstukje en komt erachter of je meer van zoet of van hartig houdt. Via zulke experimenten kom je steeds dichter tot jezelf. Dit principe geldt bijvoorbeeld ook voor seks en erotiek. Alleen door de experimenteren kun je erachter komen wie je bent.

Het volk moet consumeren

Lange tijd hebben deze stromingen alleen in de elite echt invloed gehad. Het volk was veelal christelijk en de middelen waren voor het volk niet aanwezig om zich hedonistisch gedrag te veroorloven. Dat is ondertussen veranderd. Het is wel voor te stellen dat het kapitalisme en de industriële revolutie de mens in staat stelden om steeds meer te produceren dan voorheen. Dat was in de realiteit zoveel dat er iets gedaan moest worden om de grote voorraden aan de gewone man te kunnen slijten. En dat is ook gebeurd. De reden waarom iedereen tegenwoordig zoveel consumeert, is te danken aan een propagandacampagne uit het begin van de 20e eeuw. Ik wil u wijzen op een citaat van Paul Mazur, bankier van Lehman Brothers:

“We must shift America from a needs, to a desires culture. People must be trained to desire, to want new things even before the old had been entirely consumed. We must shape a new mentality in America. Man’s desires must overshadow his needs”.

Die propaganda moest echter wel uitgevoerd worden. En dat brengt ons bij een persoon die ook wel de grootvader van de PR wordt genoemd: Edward Bernays.

Edward Bernays: begeertes van mensen manipuleren door propaganda

Edward Bernays was een neef van Sigmund Freud, van wie hij veel van massapsychologie heeft geleerd, en tevens een van de meest invloedrijke propagandisten van de Verenigde Staten. In zijn boekje Propaganda uit 1928 legt hij uit hoe de drijfveren – lees begeertes – van mensen te manipuleren zijn. Propaganda heeft een bepaalde lading en veel mensen denken aan oorlog, en daarvoor werd het ook gebruikt, maar het is in feite wat de marketingafdeling doet. Inspelen op de verlangens van mensen om ze te bewegen jouw product te kopen. Er is een voorbeeld dat goed bij dit artikel past.

Ook in het begin van de 20e eeuw was het feminisme een hot-topic. In die periode vroeg het Waldorf-Astoria Hotel aan Bernays of hij een campagne kon bedenken. Bernays was net getrouwd met een feministe en besloot een nachtje te verblijven in het Waldorf-Astoria Hotel. Aangezien Doris een feministe was, had ze zich ingeschreven op haar meisjesnaam. Voordat de twee aankwamen, had Bernays het personeel echter al verteld dat als er iets ongebruikelijks gebeurde, ze dat naar de pers moesten lekken. Dat deden zij en een dag later stond er een mooi verhaal in de krant over Doris. Zij werd daarmee boegbeeld voor feministen en het Waldorf-Astoria Hotel kon zich door de publiciteit profileren als bedrijf met een feministisch karakter.[5]

De mens is gemanipuleerd tot consument

In dit verhaal zien we dus de samensmelting van de Verlichting en de Romantiek. Aan de ene kant zien we hoe de Verlichtingsidealen worden gebruikt door bedrijven om hun producten te verkopen. Hoewel het Amerikaanse volk altijd zuinig is geweest, en dus niet hun begeertes volgde, zijn ze gemanipuleerd door marketingcampagnes die gebruikmaakten van hun diepste verlangens. Deze verlangens waren in dit geval romantisch. Ook vrouwen wilden ‘zichzelf kunnen zijn’. In plaats van deze begeertes te temperen, werd er juist gestimuleerd om ze te volgen. In de praktijk betekent dit voor veel mensen dat ze toch wel die nieuwe televisie moeten kopen of die nieuwe schoenen, want dat is immers wie zij zijn. Ze zijn nou eenmaal technologie nerds of ze houden nou eenmaal van fashion.

Ik denk dat het duidelijk is geworden hoe multinationals profiteren van het liberalisme. Het heeft van mensen consumenten gemaakt door in te spelen op hun innerlijke verlangens. Het kromme is dat deze verlangens niet per se van henzelf zijn. Deze worden hen aangepraat. Het idee dat vrouwen niet zichzelf konden zijn, speelde namelijk pas op toen iemand hen dat vertelde. De meeste vrouwen in de Verenigde Staten wilden bijvoorbeeld niet eens het recht om te kunnen stemmen.[6] Toch hebben we tegenwoordig stemrecht voor vrouwen. Nu is dit niet per se een slechte zaak, maar het is een simpel voorbeeld om mee te laten zien dat het volk niet alleen wordt gemanipuleerd door middel van hun verlangens, maar dat deze verlangens ook worden gecreëerd.

D66 creëert verlangens voor politiek succes

En dat brengt ons weer terug bij D66. D66 doet namelijk mee met het creëren van die verlangens. De partij die claimt liberaal te zijn, heeft het in feite helemaal niet op met vrijheid, maar manipuleert het volk naar hun ideaalbeeld. Op zich is dit niet erg, want dit is nou eenmaal hoe het werkt in een democratie. Om te concurreren met andere ideeën moet je je eigen idee beter in de markt zetten. Maar dit is wel erg als je kijkt naar de gevolgen voor de maatschappij. D66 creëert met haar identiteitspolitiek een land waarin grote groepen mensen tegenover elkaar komen te staan. Alleen voor hun eigen politieke succes. Want nogmaals, de verlangens die mensen hebben, komen niet uit de hoofden van die mensen zelf. Maar waarom zouden ze dat willen doen? Wellicht omdat lobbygroepen dat willen? Hier nog een citaat uit het boek van Bernays:

“Als je leiders kunt beïnvloeden, beïnvloed je automatisch de groep waar zij macht over uitoefenen (…) Omdat de mens van nature sociaal is, voelt hij zich een lid van de kudde, zelfs als hij alleen in zijn kamer achter gesloten gordijnen zit. Zijn geest behoudt de patronen die door de beïnvloeding van de groep in zijn hoofd zijn gestampt”.

Wellicht dat er een wederkerige verhouding bestaat met het bedrijfsleven. Het bedrijfsleven kan via de politiek en haar identiteitspolitiek de verlangens van mensen beïnvloeden en in ruil daarvoor krijgen de politieke partijen meer macht en, uiteraard, de goed betaalde baantjes. Ondanks dat veel mensen zich onderdrukt voelen en zich aan D66 binden, zien we in de praktijk geen verandering in economische ongelijkheid. De rijken worden alleen maar rijker.[7] Het lijkt wel alsof mensen dat vergeten zodra multinationals als Facebook en Apple hun logo’s in een regenboog veranderen tijdens Pride-maand.

Maar wellicht is dat ook wel de bedoeling.


[1] D66. (2021, 28 februari). D66 — Vrij zijn. https://d66.nl/standpunten/vrij-zijn/

[2] VVD. (2021). Grote bedrijven. VVD.nl. https://www.vvd.nl/standpunten/grote-bedrijven/

[3] D66. (2021a, februari 28). D66 — Markten die werken voor iedereen. https://d66.nl/verkiezingsprogramma/markten-die-werken-voor-iedereen/

[4] Hobbes, T. (2020). Leviathan (1ste editie). Boom Lemma.

[5] Bernays, E., & Broekhuijsen, T. (2019). Propaganda (1ste editie). Het Schrijversportaal.

[6] Abbott, L. (2015, 18 augustus). Why Women Don’t Want to Vote. The Atlantic. https://www.theatlantic.com/magazine/archive/1903/09/why-women-do-not-wish-the-suffrage/306616/

[7] Centraal Bureau voor de Statistiek. (2019, 7 mei). 3. Vermogensongelijkheid. https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/statistische-trends/2019/ongelijkheid-in-inkomen-en-vermogen/3-vermogensongelijkheid

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *